De Douane in het nieuw

Couturier Mart Visser ontwierp een nieuw uniform voor de Douane. Waarom was deze frisse wind door de kledingkast nodig?

Eind april kreeg onze organisatie volop aandacht in de media. Aanleiding: de Douane kreeg een nieuw uniform. Het oude was bijna 20 jaar oud en voldeed niet langer aan de eisen voor bedrijfskleding. Hoog tijd dus voor een frisse wind door de kledingkast. Designer Mart Visser en directeur-generaal Douane Nanette van Schelven zijn beiden trots op het resultaat.

Aanbestedingsperikelen, Brexit en coronacrisis: het was een traject van de lange adem. Het duurde vijf jaar voordat de nieuwe bedrijfskleding er was, maar het resultaat mag er zijn: een eigentijds, draagbaar en duurzaam uniform, dat recht doet aan het veelzijdige werk van douaniers. Een samenhangend pakket van tien verschillende kledingstukken, op meerdere manieren te combineren. Voor alle functies én seizoenen. Het uniform is chic, stoer en straalt autoriteit en betrouwbaarheid uit. En het is zichtbaar en herkenbaar, in het nieuwe maar toch ook vertrouwde blauw.

Omgaan met beperkingen
De ontwerper van dit alles: Mart Visser. “Bedrijfskleding is een hele interessante klus”, vertelt hij. “In haute couture heb je de volledige vrijheid. Bij een uniform moet je met veel dingen rekening houden, vooral praktische. Mijn creativiteit ligt juist in het omgaan met die beperkingen. De opdracht was simpel: er zijn klachten over het oude uniform, dus er moet iets nieuws komen. Die klachten snapte ik wel. Je draagt in je vrije tijd lichte stoffen met stretch. En dan moet je op je werk een soort betonblok aan. Dat schiet natuurlijk niet op. Als je er een groot deel van de week in moet lopen, moet een uniform goed zitten. Er zijn de laatste jaren enorme ontwikkelingen geweest op het gebied van stoffen. Met een goede materiaalkeuze ben je al een heel eind.”

“Ik ben begonnen met veel vooronderzoek. Sommige bestaande kledingstukken waren al goed, op de stof na. Zoals de worker en de polo. En zo ga je verder. Er zijn zoveel aspecten van belang om uiteindelijk tot een ‘ronde’ collectie te komen. Langzaam ontstaat er een rode lijn, eigenlijk heel intuïtief. Dit was mijn langste project ooit voor bedrijfskleding. Ik denk dat alles met een reden gebeurt, en dit ook. Want er is nu een veel sterker kader voor het nieuwe uniform. Het is beter geworden omdat ik meer tijd had. Ik kon meer onderzoek doen, meer de diepte in gaan, meer aandacht aan details besteden. Ik kon het ook meer circulair maken, dus meer aandacht besteden aan duurzaamheid.”

Visser is voor zijn opdracht helemaal ‘in de wereld van de Douane’ gedoken. “De samenwerking met de organisatie was goed. Ze vertrouwden mij, daar was ik blij mee. Wat ik bij de mensen met wie ik heb gesproken merkte, is dat er echt kracht van ze uitgaat. Dat voel je, die energie. Je kan dan ook niet zomaar bij de Douane werken. Je moet mensen kunnen overreden, je moet mensen kunnen ‘doorboren’. Het zijn loepzuivere mensen. Als je ze zo ziet, dan denk je: daar staat wel even een karakter. En dat is ook wat deze nieuwe kleding uitstraalt en versterkt.”

Groen hart
Vissers voorkeur voor blauw was aanvankelijk wel een dingetje. Van Schelven: “Groen is de kleur van de Douane. We hebben een groen logo en groene strepen op de auto. Douanemedewerkers hebben ‘een groen hart’. Die kleur weghalen roept dan ook emoties en weerstand op. Maar van groen naar blauw is niet zo’n grote stap als veel mensen denken. We waren de enige douaneorganisatie in de wereld die groen droeg, samen met de Duitsers. De rest draagt blauw of zwart. Wij ook, tot na de oorlog. Toen was de enige stof die snel leverbaar was groen, door tekorten. Puur toeval, dus. Ik ben blij dat het blauw terug is, het is mijn favoriete kleur. Het staat voor betrouwbaarheid en gezag. En het staat iedereen. Mensen hebben 5 jaar de tijd gehad om aan het idee te wennen, en zijn er nu vooral blij mee.”

De vrouw centraal
Een andere vernieuwing: het uniform is gemaakt met de vrouw als uitgangspunt. Van Schelven: “Het oude uniform was een mannenuniform, waar ook vrouwen in rondliepen. Lange tijd, tot 1976, werkten er maar een paar vrouwen bij de Douane. Pas in dat jaar wordt de douaneopleiding opengesteld voor vrouwen. Mart Visser heeft gekeken naar wat vrouwen staat, en daar een collectie voor gemaakt. Met zelfs een jurk, en een ‘robe manteau’. En een prachtig wit slim-fit overhemd, mijn favoriet. Daarna heeft hij een bijpassende mannenlijn ontworpen. Dat zegt iets over de veranderde tijdsgeest. Het is mooi dat de vrouw nu centraal staat bij een dienst waar zolang bijna geen vrouwen hebben gewerkt.”

“De Douane is de oudste rijksdienst van Nederland, maar ook een moderne organisatie”, gaat Van Schelven verder. “Zo staan we ook te boek in de wereld. Dat oude uniform gaf een jarentachtig-gevoel: groot, wijd en zonder rek. Echt belegen. We waren dus wel aan iets nieuws toe. De nieuwe kleding is functioneel, helemaal toegesneden op onze verschillende werkzaamheden. Je kunt je steeds ‘fit for the job’ kleden. Iedereen ziet er heel verzorgd uit, veel professioneler. Echt een goed visitekaartje van de organisatie.”

Zichtbaarder
“We zijn nu ook herkenbaar. Ik heb wel eens op een bijeenkomst moeten uitleggen van welke organisatie ik was. Dat is nu wel anders, er staat groot ‘Douane’ op onze kleding. Dat is goed, want we hebben ook een dienstverlenende functie. Mensen moeten ons kunnen vinden, zeker op Schiphol. Ik hoor het ook van medewerkers, die voelen zich zichtbaarder. Ze zeggen: ‘Mensen weten waar ik voor sta, het past bij het werk dat ik doe’. Op de luchthaven staan we samen met de Koninklijke Marechaussee. Ook in het blauw, maar een heel ander uniform. Het is duidelijk dat we allebei handhavende diensten zijn, maar verschillende diensten.”

“We hebben bewust de publiciteit gezocht toen we het nieuwe uniform gingen dragen”, besluit Van Schelven. “Omdat we niet een paar details hebben veranderd, maar omdat het echt helemaal anders is. Burgers en bedrijven moeten dat weten, voor onze herkenbaarheid. Als ik nu ergens kom, bij bedrijven of ministeries, dan krijg ik er altijd complimenten over. Nog niemand heeft gezegd dat hij het oude uniform mooier vond. Op social media schreef iemand: ‘Ik zou bijna alleen al voor dit uniform bij de Douane gaan werken’. Dat is heel leuk om te lezen.”

Deel dit bericht