Veilige logistieke ketens komen steeds dichterbij

Safe and Secure Trade Lanes krijgen meer en meer vorm dankzij het Europese programma CORE. Douane Nederland levert een belangrijke bijdrage aan het initiatief.

Binnen de handhavingsvisie van Douane Nederland geldt de gele goederenstroom als het hoogst haalbare: volledig integere goederenketens dankzij betrouwbare en veilige digitale data.* In de aanloop naar deze ideale secure trade lanes draaien verschillende pilots onder de vlag van het Europese CORE-project. Een daarvan is een luchtvrachtpilot onder leiding van de coöperatieve veiling Royal FloraHolland, die bloemen uit Afrika betrekt. CORE-projectsecretaris namens de Douane Martijn van Kruining vloog onlangs naar Kenia om ter plekke het begin van de keten – van kweker tot containerschip of vliegtuig – in kaart te brengen.

Samen met een douanecollega en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en de NVWA deed Van Kruining onder meer een rozenkwekerij aan. Van alle bloementelers in Kenia is zeker 60 procent aangesloten bij Royal FloraHolland. Van Kruining: “De coöperatie heeft de contacten gelegd en het programma samengesteld. Het was een echte fact finding-missie naar de weg die de bloemen afleggen in het land van herkomst en welke rol de autoriteiten daarin spelen. Hoewel de mate van digitalisering binnen de Keniaanse overheid vrij hoog is, wordt een deel van de formaliteiten nog op papier afgehandeld. Daarnaast krijg je in zo’n land al snel te maken met een zekere mate van corruptie. Samen met de lokale NVWA en de Keniaanse douane proberen we die terug te dringen door het aantal menselijke interventies in het logistieke proces te beperken. Verder worden soms administratieve kosten in rekening gebracht die weliswaar legaal zijn, maar waarvan het doel en de meerwaarde niet duidelijk zijn. Al met al duurt het vijf tot acht dagen voordat de rozen bij de eindgebruiker terechtkomen – dat kan wel wat sneller en efficiënter. Het is echter niet aan ons om daarin stappen te zetten. Wij hebben slechts een adviserende rol binnen dit project.”

Van producent tot vervoerder
Juist op het eerste deel van de keten heeft de Douane vaak weinig zicht. “We zijn globaal op de hoogte van de inhoud van een container die via Nederland de EU binnenkomt, maar weten niet wie er allemaal voor verantwoordelijk zijn geweest”, stelt Van Kruining. “Op onze verplichte aangiften staat veelal ‘van logistiek dienstverlener naar logistiek dienstverlener’. Daarmee weet je nog niet wie de oorspronkelijke verzender of de afnemer is. Voor de import van bloemen uit Kenia hebben we in beeld kunnen brengen welke spelers allemaal betrokken zijn bij het traject van teler tot aan vliegtuig of containerschip, en wat hun aandeel daarin is.”

Delen is weten
Via hun eigen business dashboard wisselen Royal FloraHolland en andere spelers in de keten gegevens met elkaar uit in het project. Zo ontstaat langzamerhand een data pipeline, waarop de Douane kan meeliften. Op die manier krijgt de dienst toegang tot bruikbare aanvullende informatie, zoals fytosanitaire en oorsprongcertificaten en packing lists met specifieke brondata. Een deel van die gegevens was vroeger ook al beschikbaar, maar daar moest de Douane dan zelf achteraan.

Uit concurrentie-overwegingen delen bedrijven natuurlijk niet alles, zegt Van Kruining. “Ondernemingen die vlak voor of na elkaar in de keten zitten, zullen bijvoorbeeld hoeveelheden en gewichten op elkaar moeten afstemmen. Maar als het op productprijzen aankomt, houden ze de kaarten eerder op de borst. Die afgeschermde informatie zien wij weer wel in het customs dashboard, een aparte interface naast onze aangiftesystemen. Zo kunnen we constateren dat bloemenkweker X de verzending heeft verzorgd en bloemenwinkel Y de ontvanger is – of Royal FloraHolland zelf, voordat een zending naar de veiling gaat.”

Veiligheid voor alles
“Voor onze risicoanalyse zijn die extra gegevens heel belangrijk”, vervolgt Van Kruining. “Op Schiphol helpen selecteurs van pre-arrival mee door de betreffende aangiften van Royal FloraHolland erbij te zoeken die als CORE-zending zijn aangemerkt. Ze onderzoeken momenteel via het customs dashboard of de aanvullende informatie van meerwaarde is en voor een efficiëntere selectie zorgt. En of we eerder kunnen vaststellen of een zending veilig en betrouwbaar is. Daar is het ons tenslotte om te doen. Je wilt dat die Keniaanse bloemen van hoge kwaliteit zijn en dat er geen ongewenste ziekten of beestjes meeliften.”

Ook ter land en over zee
Naast het Royal FloraHolland-project, dat zich richt op luchtvracht, draaien er in ons land twee CORE-pilots in de maritieme sfeer. Bij de eerste – onder leiding van het bedrijf Seacon Logistics – ligt de focus op IT-producten uit Maleisië, die per container aankomen in de Rotterdamse haven en hun weg vervolgen naar Venlo. De tweede – onder leiding van Maersk – richt zich op groente en fruit in een keten die van Afrika via Rotterdam naar de Verenigde Staten loopt.

“Het is mooi om te zien dat alle deelnemende bedrijven zelf het nut van zo’n data pipeline inzien en er in investeren, en niet omdat wij dat van ze verlangen”, stelt Van Kruining. “Seacon heeft bijvoorbeeld een eigen IT-systeem ontworpen om extra informatie te kunnen delen en zelf voor aansluiting op het customs dashboard gezorgd. Maersk is druk bezig met een shipping information pipeline, die op termijn aan ons dashboard wordt gekoppeld. Royal FloraHolland werkt met het systeem FreshTrade aan een vergelijkbaar initiatief. Toch staat niet elke schakel in de keten te trappelen om mee te doen, vanwege die eerder genoemde concurrentie-overwegingen. Het is aan de ondernemingen om elkaar ervan te overtuigen dat deze werkwijze uiteindelijk zorgt voor een veel efficiëntere en effectievere logistieke keten – business to business. En als een wereldspeler als Maersk zich hierop stort, moeten anderen wel mee om niet achterop te raken.”

Tastbaar resultaat
“Hoewel dit puur verkennende trajecten zijn, hebben we afgesproken dat er midden volgend jaar tastbare resultaten liggen”, aldus Van Kruining. “We hopen dan antwoord te kunnen geven op vragen als: ondersteunen de pilots onze visie Grensverleggend, en hebben ze een of meerdere trusted trade lanes opgeleverd die aantoonbaar werken? Een compleet ontwikkelde keten in de gele stroom is er immers nog niet. Daarom is CORE ook zo’n interessant programma. Het stelt ons in staat te onderzoeken hoe we de integriteit van goederen en data kunnen optimaliseren, hoe een veilige en betrouwbare goederenstroom eruit ziet en hoe je het toezicht daarop organiseert.”

* De dienst onderscheidt een blauwe, een groene en een gele goederenstroom, die elk een eigen mate van douanetoezicht vragen. Voor bedrijven in de blauwe stroom geldt het strengste toezichtregime, voor ondernemingen in de gele stroom het meest coulante.

Ambiteus EU-programma
Een snellere, betrouwbaarder en efficiëntiere handel en logistiek, gecombineerd met een nog adequater toezicht op goederenketens – dat is het doel van het in 2014 gestarte CORE (Consistently Optimised Resilient Secure Global Supply-Chains). Het programma omvat tientallen initiatieven, waarbinnen douanediensten en andere handhavingsorganisaties maximaal gebruikmaken van de eigen gegevens van bedrijven. Bij drie van die pilots is Douane Nederland betrokken. Zo’n 75 publieke en private partners nemen deel aan CORE, waaronder Royal FloraHolland, Maersk, Seacon Logistics, NVWA, Interpol, TNO en de technische universiteiten van Delft en Eindhoven.

Deel dit bericht