Handhavingsvisie krijgt handen en voeten

Douane Nederland ontwikkelde een baanbrekend concept van gelaagde handhaving. Krijgt deze visie inmiddels gestalte in de praktijk?

Onder de noemer ‘Grensverleggend’ ontwikkelde Douane Nederland een concept van gelaagde handhaving, waar zowel de dienst zelf als het bonafide bedrijfsleven baat bij heeft. Kern hiervan: een gepaste controledruk voor iedere marktpartij – van betrouwbaar bedrijf tot onbekende ondernemer. Krijgt deze visie inmiddels vorm in de dagelijkse douanepraktijk? Het woord is aan directeur Handhaving Bert Wiersema en hoofd Handelsrelaties Frank Heijmann.

“De Douane is van toezicht op de fiscale integriteit en veiligheid van EU-grensoverschrijdende goederenstromen”, begint Heijmann. “Tegelijkertijd wordt van ons een bijdrage verwacht aan de economische concurrentiekracht van Nederland en de Europese Unie, in de vorm van stimulering van handelsfaciliterende maatregelen. Die dubbelrol willen we ook in de toekomst op een efficiënte en doeltreffende wijze blijven vervullen, tegen een achtergrond van groeiende internationale handelsstromen. Daarom hebben wij een stip op de horizon vastgesteld: een eindbeeld waar we geleidelijk naartoe bewegen, en waaraan we alle maatregelen toetsen die we de komende jaren nemen.”

“Uitgangspunt van deze visie is dat straks 100% van de vervoermiddelen en goederen die onze grenzen passeren onder toezicht staat. Dit wil niet zeggen dat de Douane dan alles controleert, maar dat de dienst van elk vervoermiddel dat binnenkomt of uitgaat kan nagaan of de vereiste meldingen en aangiften zijn gedaan. En dat onze organisatie van elke binnenkomende of uitgaande container en pallet een gedegen beeld heeft, op basis van gegevens uit de aangifte en uit andere bronnen.”

Scan en detectie
“Om die gewenste situatie werkelijkheid te maken, ondernemen wij momenteel actie op diverse terreinen”, vertelt Wiersema. “In de eerste plaats participeert ons douane-laboratorium intensief in een Europese werkgroep voor scan en detectie van goederen. Daarbij worden fabrikanten van deze technologie uitgedaagd om producten te ontwikkelen zoals wij ze hebben willen: machines die niet slechts beelden genereren, maar daar ook zelf iets over kunnen vertellen. Te denken valt aan toepassingen die verschillen in dichtheid op atomair niveau weergeven, zodat je kunt zien of er massa in een container voorkomt die daar volgens de aangifte niet thuishoort. Ons lab heeft een uitgebreide lijst met technische specificaties opgesteld waaraan scan- en detectieapparatuur wat ons betreft moet voldoen. Daarover hebben we intensief overleg met de industrie. We leggen de lat hoog.”

Big data analyse
“Ook op het gebied van scan en detectie van data wil de Douane leveranciers prikkelen”, zegt Heijmann. “Nu nog laten we op de traditionele manier risicoprofielen los op een aangifte, en als die parameters de aangifte raken, wordt deze geselecteerd. Waar wij naartoe willen, zijn vormen van big data analyse. Kan een IT-onderneming met haar specialistische kennis meer en nieuwe risico’s detecteren in onze gegevens? Of door onze gegevens te verrijken met informatie uit openbare bronnen als Twitter en Facebook? Of door ze te koppelen aan eigen bronnen, bijvoorbeeld containerdatabases? Om die vragen samen met private partners goed te kunnen onderzoeken, gaat de Douane de komende periode hoogopgeleide data-analisten binnenhalen. De eersten zijn al geworven, en in september gestart.”

Compliance-toets
“Verder wordt bekeken of we meer recht kunnen doen aan de groep AEO-gecertificeerde bedrijven”, stelt Wiersema. “De vraag is: mag je zo’n onderneming uitsluiten van een risicogerichte benadering, en is een compliance-toets voldoende? In dat geval doe je alleen af en toe een steekproef of een partij zich aan de afgesproken procedures houdt. Na een grondige analyse hebben we geconstateerd dat deze werkwijze voor de meeste AEO-bedrijven inderdaad afdoende is. Nu gaan we bezien hoe we in onze aangiftebehandeling risicoprofielen zodanig kunnen aanpassen, dat deze groep ondernemers daadwerkelijk minder controlelast ervaart. Daarbij moet worden opgemerkt, dat zij die misbruik maken van ons vertrouwen streng worden aangepakt. Overigens: of een AEO daadwerkelijk voor al zijn handelingen compliancegericht wordt benaderd, hangt af van zijn rol in de goederenketen. Immers, een douane-expediteur die aangiften doet als direct vertegenwoordiger kun je in dat opzicht niet vergelijken met een grote verlader. De risicogerichte aanpak blijkt voor douane-expediteurs met AEO-status nog wel noodzakelijk. Over de positie van deze intermediairs moeten we in gesprek met het bedrijfsleven.”

Dashboards
Heijmann: “Als het gaat om complete logistieke ketens, nemen we deel aan internationale wetenschappelijke projecten als Core. Daarbinnen wordt nagegaan in hoeverre ondernemers informatie over hun keten beschikbaar kunnen stellen, zodanig dat de Douane die kan raadplegen. Het betreft extra gegevens, bovenop de aangiftedata, die ons helpen risico’s te beheersen en te bepalen of we met betrouwbare bedrijven te maken hebben. Hiertoe worden dashboards ontwikkeld, die naar verwachting begin 2016 operationeel zijn. Daarmee kan de Douane direct in bedrijfssystemen zien of formaliteiten juist worden afgehandeld. Op die manier hoeft een marktpartij niet langer steeds bescheiden te overleggen en vragen van onze dienst te beantwoorden. Kortom: de controledruk en de lastendruk dalen.
Daarnaast maken we verdergaande afspraken met bedrijven binnen ketens, opdat deze veiliger worden. Zo bespreken we nu met een aantal koeriersbedrijven of we bij hen meer upstream – hoger in de keten – toezicht kunnen uitoefenen.”

Boost voor aangiftebehandeling
“Met het oog op bedrijven die bij ons minder of niet in beeld zijn, zoeken wij naar manieren om de kwaliteit van onze aangiftebehandeling te verbeteren”, gaat Heijmann verder. “Onder meer door voor dit proces medewerkers op te leiden en hoger gekwalificeerd personeel aan te trekken. En nu ons nieuwe aangiftesysteem AGS in de lucht is, denken we aan de introductie van work flow management, zodat we aangiftes op een slimmere manier door specialisten kunnen laten behandelen. Ten slotte onderzoeken we of mobiel werken en the internet of things van pas komen bij de planning en sturing van de inzet van onze mensen en middelen. Al bevindt dit zich nog in een pril stadium.”

“Je ziet, Douane Nederland is er veel aan gelegen zijn handhavingsvisie handen en voeten te geven”, besluit Wiersema. “In onze ogen een aanpak waarmee we ons toezicht versterken, en tegelijkertijd de vooraanstaande positie van Nederland op de internationale logistieke ranglijsten blijven ondersteunen.”

In het komende nummer van Douane inZicht worden de stappen die Wiersema en Heijmann hier aanstippen nader toegelicht door specialisten binnen de Douane. Bovendien komen dan de aspecten samenwerking en dienstverlening aan bod, eveneens essentieel voor het realiseren van de handhavingsvisie van de Douane.

Deel dit bericht